ubbink transport

ubbink transport

19-01-2011

Donkere dagen voor kerst

(samenvatting van de verrichtingen van onze teams in de derde ronde van de Osbo-competitie)
Kameleon 1 – DSG 2: 4 – 2
In de tweede ronde had ons eerste met 4 – 2 gewonnen van Kameleon 2. Nu moesten we met ons tweede tegen hun eerste. Dat beloofde niet veel goeds, maar naarmate de avond vorderde, bleken we niet geheel kansloos te zijn, al deed het begin het ergste vrezen.
Steffen, onze pinchhitter, kreeg het Koningsgambiet te bestrijden en verslikte zich daarin behoorlijk. Na een uur stond hij twee stukken achter en een half uurtje later zag hij zich genoodzaakt op te geven. 1 – 0.
Ook Albert had geen fijne avond. Aanvankelijk leek er niet veel aan de hand te zijn. De stellingen waren stevig dichtgeschoven, maar zijn tegenstander wist er toch nog een gaatje in te ontdekken.
Dat kostte Albert een stuk en vervolgens de partij. 2 – 0.


















Joop speelde als een jonge hond en zette zijn tegenstander al snel onder druk. Terwijl de man van de Kameleon nog bezig was met zijn ontwikkeling, had Joop de e-lijn al geopend en daar twee machtige Torens op gezet. Joop stond dus gewonnen. Normaal gesproken biedt hij dan remise aan, maar zie: (welke toverdrank had hij voor de wedstrijd ingenomen?)... Joop offerde een Toren!!! Zijn tegenstander was gedwongen dit offer aan te nemen en werd vervolgens in twee zetten op klassieke wijze met een Paard en een Toren mat gezet. 2 – 1.

Ga zo door Joop!

Emile kwam prettig uit de opening, maar verzuimde waarschijnlijk rond de dertiende zet toe te slaan. Zijn tegenstander kwam een stuk voor, maar dacht lang na en begon in tijdnood te komen. Voordat dat nijpend werd, toverde hij een paardvork op Emiles Koning en Toren op het bord, waarna Emile opgaf. 3 – 1.
Bij Jan kwam een gesloten Siciliaan op het bord. Zijn tegenstander, Raymond van Gessel, hoogste rating in klasse 3D en een TPR van 2017, trok op de Damevleugel ten aanval, Jan zette met h3 en g4 de opmars op de koningsvleugel in. Na de vijandelijke aanval afgeslagen te hebben, ging hij verder met zijn opmars. De h-lijn werd geopend, zijn Paarden kwamen op de mooie velden op e4 en h4 te staan, de g-pion rukte op naar g5, zijn Dame naar h5, de g-pion naar g6 en daarna rolde hij zijn tegenstander vakkundig op. 3 – 2.
En toen was alleen Ben nog bezig. Ben stond lang een pion achter en stond dat in het eindspel nog. En hoewel die ene pion ook nog een vrijpion was, was er weinig aan de hand. Ben had een machtig Paard dat de doortocht versperde en ook de vijandelijke Koning het in zijn stelling binnendringen onmogelijk maakte. Zijn tegenstander had een weinig indrukwekkende Loper en nog maar 2.20 op de klok. Ben had nog de beschikking over ruim zes minuten. Remise was dus binnen, winst bleef een mogelijkheid. Maar die tijdsdruk!! En de wetenschap dat als je wint je team een gelijk spel heeft behaald! Lastig is dat, zeer lastig! De hamvraag is natuurlijk: wil ik schaaktechnisch winnen of gok ik op het door de vlag jagen van mijn tegenstander. Zelf zou ik voor de tweede optie hebben gekozen, Ben koos voor de eerste.
Hij trok ten aanval, zag dat hij een Loper kon winnen, won die Loper ook, maar moest tot zijn ontzetting constateren dat de vrijpion nu moeiteloos kon promoveren. 4 – 2. Jamme

DSG 1 - Rokade 2: 1,5 - 4,5
Al gauw bleek dit geen makkelijke avond te worden.
Chiel werd in de opening reeds opgerold.. Na ruim een half uur spelen stond hij al een pion en een volle Toren achter. Mat dreigde, zijn Koningsvleugel stond op instorten. Eén Loper moest het opnemen tegen twee Lopers en een Dame. Dat is natuurlijk niet eerlijk, maar schaken is niet altijd een pretje. 0 – 1.
Ook bij de partij van Paul moest al snel voor het ergste worden gevreesd. Succes moest dus van de invallers komen ( Albert, Joop, Steffen) en van Robbie. Rond half tien zag het er op al die borden veelbelovend uit.
Joop zette zijn tegenstander onder druk en wist een paar pionnen te veroveren. Zijn stukken stonden op puike velden, de Koning van zijn tegenstander stond open en bloot in het midden.
Prangende vraag voor Joop was nu: hoe zal ik gaan winnen? Stukken afruilen? Nog meer materiaalwinst?? Mat??? Ja, zoveel keus kan onzeker maken. Dan kan je zelfs zo onzeker worden, dat je blij bent als je niet verliest. Joop bood dus remise aan. ½ - 1½.
Ook bij Steffen zag het er een tijdlang veelbelovend uit. Rond de 15e zet kwam hij een pion voor. Weliswaar gaf dat zijn tegenstander de kans wat druk op de koningsstelling van Steffen uit te oefenen, maar een serieuze dreiging leek daar niet van uit te gaan. Wat er verder gebeurde heb ik gemist, maar enige tijd later stond Steffen een stuk achter en weer enige tijd later werd hij mat gezet. ½ - 2½ .
Robbie zorgde er voor dat de spanning in de wedstrijd terugkwam. Zijn tegenstander krijgt niet de tijd om te rokeren. Die krijgt weliswaar met Loper en Dame de diagonaal a1 – h7 in bezit, maar Robbie is daar niet van onder de indruk. Eerst weet hij via een ingenieuze en voordelige ruil zijn stelling te verbeteren, daarna wint hij via een fraaie combinatie nog een Loper. Met een Toren en twee pionnen achter, geeft zijn tegenstander op.  1½ - 2½.



Paul leed aan wat ik ook vaak heb: te snelle winzucht. Dat is: je krijgt al in de opening positioneel voordeel en dat wil je meteen verzilveren. Stukken eruit, hup, op de Koning af, Loperoffer op f7. En degene die moet verdedigen, zet zijn stukken op mooie velden, valt een stuk van jou aan. Dat accepteer je niet, - je hebt niet voor niets je Loper geofferd, dus dan nog maar een offer en voor je het weet staat de helft van je stukken in en gaat er minstens één verloren. Zoiets dus. Iets heel menselijks, romantisch vooral. Soms heb je succes met die aanpak, maar meestal niet. Weliswaar kreeg Paul uiteindelijk twee pionnen voor de geofferde Loper, maar de Loper van zijn tegenstander bleek in het eindspel de doorslag te geven. De verloren pionnen werden teruggewonnen en Paul gaf op. 1½ - 3½.
Albert had de nederlaag nog minimaal kunnen houden. Aanvankelijk ging het gelijk op, maar in de loop van het middenspel kreeg Albert een vrijpion. Hoe hij deze pion heeft moeten inleveren is mij ontgaan. Wat later breekt een pion van zijn tegenstander door en komt op de derde rij terecht. Die weet Albert weliswaar onschadelijk te maken, maar dat gaat ten koste van twee eigen pionnen en dat kost hem de partij. 1½ - 4½.
Dat deze uitslag een correcte afspiegeling is van de krachtsverhoudingen zou ik niet willen zeggen, maar ze is wel een feit. Zoals Mario Been dat zo treffend kan zeggen: “ De inzet was voorbeeldig en we kregen kansen genoeg, maar als je niet scoort, dan blijf je achter de feiten aan lopen.”

OSBO, 2de ronde

Uitslagen:


DSG 2          –   Pallas 4:  2½ - 3½


De Kameleon 2  –   DSG 1:     2  – 4


Al met al kunnen we over de in ronde 2 behaalde resultaten wel tevreden zijn. Ons tweede moest het opnemen tegen Pallas 4 dat in de eerste ronde Schaakstad 5 met 6 – 0 had verpletterd. Dat beloofde dus een zware avond te worden, maar achteraf gezien viel dat best mee.
Steffen kreeg een Dame cadeau en won snel. Albert verloor snel. Emile was duidelijk niet in topvorm en verloor.

Frank bereikte een prachtige stand, maar wist niet hoe die te benutten. Ook weet hij nog niet hoe je een tegenstander door de klok moet jagen. Frank verloor dus. Jammer, voor Frank. Ben speelde het eindspel wat slimmer dan zijn tegenstander en won, en Jan zag zich genoodzaakt het remise-aanbod van zijn tegenstander te accepteren.

3,5 - 2,5 in het voordeel van de Palladijnen dus.



Ons eerste moest bij De Kameleon op bezoek en reisde af met drie invallers.
Patrick, René en Fons waren verhinderd, Jan, Ben en Albert namen hun plaatsen in.
Albert bleek al gewonnen te hebben terwijl de anderen hun notitieboekje aan het rechtleggen waren.
Ook Paul was al snel klaar met zijn partij. Dat leek du seen vroegertje te worden.
Maar Chiel kwam steeds beroerder te staan en verloor en zo verging het Ben ook. 2 – 2 dus. Jan had zo’n prachtstelling dat hij dacht een Toren te kunnen offeren. Dat kon hij niet, dus. Toen zijn tegenstander verzuimde van dit cadeau te profiteren, rolde Jan hem toch nog vrij hardhandig op.
Bij Robbie kwam een bloedstollend eindspel op het bord. Torens en Dames hadden wederzijds vrij spel achter de vijandelijke linies en de vraag was wie het eerste mat zou gaan. Voor Robbie was het een prettige bijkomstigheid dat de Kameleonman nog maar een paar seconden op de klok had. Dan wil je de sterkste voortzetting nog wel eens over het hoofd zien. Dat deed zijn tegenstander dus ook, waarna het in twee zetten mat was. 4 – 2, derhalve.

Gezien het feit dat de drie koplopers gelijk hebben gespeeld, heeft ons eerste dus goede zaken gedaan.

Osbocompetitie, eerste ronde: alle begin is moeilijk.

Klasse 3G: DSG1 – Doetinchem 2: 1½ - 4½

Tot halverwege de avond zag het er zeker niet hopeloos uit. Kleine winst voor de een of voor de ander of een gelijk spel. Het begon zelfs hoopgevend, voor ons. Emile trof als tegenspeler iemand waartegen hij 36 jaar geleden bij het Emmer Schaak Genootschap remise had gespeeld. Van de twee bleek Emile het meest te hebben bijgeleerd. Zijn tegenstander was vooral wat met zijn Dame aan het pielen, wat ten koste van zijn ontwikkeling ging. Emile kwam wat materiaal voor en toverde als een donderslag bij heldere hemel een matcombinatie uit zijn pols.
Behalve zijn tegenstander had Patrick ook nog een opkomende griep te bestrijden. Dit werd hem teveel. In het middenspel kwam zijn tegenstander wat beter te staan, maar niet echt dreigend. Toen Patrick echter een combinatie over het hoofd zag die hem een stuk kostte, was het snel uit.
Robbie leek lang de beste kansen te hebben. Een pionnenmeerderheid op de Damevleugel zag
Er veelbelovend uit. Toen zijn tegenstander die onschadelijk wist te maken, was de partij duidelijk in evenwicht en zo bleef het. Remise dus.
Chiel kreeg het zwaar te verduren. Zijn tegenstander opende de a-lijn, zette daarop een batterij zware stukken en won een pion. De druk nam toe en Chiel bezweek.
Steffen ging voortvarend van start en ging snel met flink wat materiaal op de vijandelijke Koning af. Maar Frans Kuggeleijn hield tussen de glazen witte wijn door het hoofd koel en verdedigde zich nauwkeurig. De aanval van Steffen zette niet door, Frans nam het initiatief over, won een stuk en de partij.
Ook Paul trok, zoals we dat van hem gewend zijn, al snel ten aanval en zette zijn tegenstander onder zware druk. Maar ook Paul kwam niet door de verdediging heen.
Ja, het zijn taaie rakkers daar in Doetinchem.

DSG 1 1597 - SV Doetinchem 2 1684 1½ - 4½

1 Robbie  1794  - Bert Lenderink   1856 ½ - ½
2 Patrick 1711  - John Lutgens     1728 0 - 1
3 Paul    1644  - Erwin Verhoogt   1699 0 - 1
4 Chiel   1501  - Adri Maranus     1664 0 - 1
5 Emile   1501  - Philip Schyns    1609 1 - 0
6 Steffen 1431  - Frans Kuggeleijn 1552 0 - 1

Klasse 3D: Eerbeek – DSG 2 : 1 – 1 (voorlopige and)

De eerste ronde was het al meteen een probleem om een compleet team op te stellen.
Twee van onze vrijgestelden zaten de eerste speelweek vakantie te vieren in het buitenland en ook voor de tweede speelweek zag het er problematisch uit. De oplossing leek: de eerste week met vier man naar Eerbeek, de tweede met twee. Dit nu riep een interessant probleem op.
Is het criterium voor vooruit spelen een getal of een intentie? Concreet: kun je, wanneer je met vier man komt, volhouden dat je daarmee vooruit speelt? Bij Eerbeek vonden ze van niet
En zo kon het gebeuren dat Frank en ik vooruit speelden en dat komende week een viertal niet vooruit speelt.
Frank (nog geen rating), trof Gerrit Nikkels (1446) als tegenstander. Deze Gerrit koos voor de dufste variant van het Italiaans die je maar denken kan. Geen doorkomen aan. Remise vanaf de derde zet. Frank echter, gezien ons ledenbestand nog vrij jong en vol dadendrang, probeerde ijzer met handen te breken en dat bekwam hem slecht. Hij verloor een stuk, knokte nog lang en verbeten door, maar toen hij ook nog een Loper moest inleveren, gaf hij op.
Zelf speelde ik (1518) tegen Rolf van Agtmaal (1512). Op de 7de zet hakte ik maar eens in op f7. Van Agtmaal nam dit offer terecht niet aan en ging met zijn Koning naar d7. Daarna had ik het niet echt moeilijk meer. Wat afruilen, wat schaakjes, tot de vijandelijke Koning op a7 terechtkwam, waar hij op uiterst elegante wijze werd mat gezet.

Jan R.

01-02-2009

4e ronde OSBO competitie

DSG 1 – Velp : 3½ - 4½

Ook in de vierde ronde van de Osbo-competitie slaagde ons eerste er niet in te winnen.
Albert kwam al snel een pion voor, dacht er nog één te winnen, won er ook één, maar helaas ten koste van zijn Dame.
Joop had een mooi Loperpaar en hield lang stand. Maar een aanval op zijn Koningsvleugel werd hem tenslotte toch noodlottig.
Chiel had het gevoel dat hij niet goed uit de opening kwam. Dat was zo. Daarna werd het niet beter. Zijn tegenstander dicteerde de zetten en Chiel kwam er niet meer aan te pas.
Eric koos voor de verkeerde opening en daarna voor het verkeerde plan. De uitslag van deze partij was dus ook niet goed.
Robbie speelde voor de 1000ste keer Russisch. Dat leverde een boeiend middenspel op met kansen over en weer. Totdat zijn tegenstander gewoon een stuk weggaf en opgaf.
René, met wit, zette zijn tegenstander in de opening vast. Daarna kwam die niet meer aan ontwikkelen toe. Op de Koningsvleugel kwam René dat wel. Groot materieel drong de zwarte stelling binnen. Opgeven of vernietiging was nu de keuze. Het werd opgeven.
Paul bouwde al snel een scherpe aanvalsstelling op, maar zijn tegenstander liet zich niet zo maar wegblazen. Ook niet toen hij een kwaliteit minder had. Zo werd het nog een lange zit voor Paul. Maar het loonde.
Patrick had na 14 zetten zoals gebruikelijk zo’n ingewikkelde stelling op het bord met een piepklein voordeeltje waarvan het niet duidelijk is hoe je het uit moet buiten.
Hij bood derhalve remise aan, wat zijn tegenstander accepteerde.

Omdat de Pion 3 deze ronde slechts 1 bordpunt wist te scoren, heeft ons team de laatste plaats verlaten. Of het hiermee ook de weg omhoog heeft gevonden, zal nog blijken.

Klasse 2D uitslagen ronde vier;

ASV 6 – Wageningen 3 3½ - 4½
DSG – Velp 3½ - 4½
Mook – Pion 3 7 – 1
UVS 3 – SMB 4 2 - 6

Mp Bp
1. Wageningen 3 7 20
2. Velp 6 17½
3. Mook 5 19
4. SMB 4 5 18½
5. ASV 6 4 16½
6. UVS 3 3 14
7. DSG 1 12½
8. Pion 3 1 10


DSG 2 – SMB 6 : 1 – 5

Het tweede moest dus tegen SMB 6, dat na 3 ronden met 0 punten onderaan stond. Als er dus ergens punten gehaald konden worden, dan moest dat tegen SMB zijn, was de verwachting. Dit pakte anders uit.

Jan ondermijnde met succes de aanvalsplannen van zijn tegenstander die op zijn beurt met succes de zijne frustreerde. Daar schoot dus niemand iets mee op en met een 3 – 0 achterstand en nog een verliespartij in het verschiet, bood Jan remise aan.
Ben gunde zijn tegenstander aanvankelijk het initiatief, maar in het tweede uur bracht hij de stellingen in evenwicht. Dit evenwicht werd door niemand meer verstoort en ook hier werd tot een terechte remise besloten.
Emile speelde met wit een variant van de Siciliaan die hij zich nog van vroeger meende te herinneren. Dat was dus niet zo en hij verloor al snel een centrumpion. Na nog een fout zetje en wat plaagstoten van tegenstander was het pleit beslecht.
Joop moest het Engels bestrijden en slaagde daar niet in. Al snel werd zijn Damevleugel vastgezet en het Paard en de Toren die daar nog stonden deden aan het
spel nauwelijks meer mee. Daarna werd hij op de Koningsvleugel langzaam maar heel trefzeker opgerold.
Albert liet zich in de opening verrassen door een pionzet die hem een kwaliteit kostte. Omdat zijn tegenstander zijn pionnen op de goede velden had staan, had Albert weinig aan zijn Loper. De vijandelijke Toren daarentegen bleek een soort Pac Man en vrat Alberts pionnen op.
Steffen bouwde een gelijkwaardige stelling op, maar toen het echt gecompliceerd begon te worden, koos hij voor een verkeerd ingeschatte tactische wending. Toen hij bij een uitruil ook nog een tussenschaakje vergat te geven, kwam hij een stuk achter te staan. Dit was te veel.

Klasse 3F uitslagen ronde vier;

ASV 8 – Schaakstad 6 2 – 4
De Toren Arnhem 6 – De Elster Toren 2 5 – 1
Velp 2 – Voorst 2 1 – 5
DSG 2 – SMB 6 1 – 5

Stand klasse 3 F:
Mp Bp
1 De Toren Arnhem 6 8 28
2 Voorst 2 5 15½
3 Schaakstad 6 5 14½
4 ASV 8 5 13
5 De Elster Toren 2 4 11
6 SMB 6 2 9
7 DSG 2 2 6
8 Velp 2 1 7


Jan R.

21-03-2008

DSG 1 Kampioen!!!

Dat was een mooie maandagavond, de avond van de tiende maart. Ons eerste moest thuis tegen Doetinchem 2 , dat met twee punten achterstand nog onze enige concurrent was. Dit Doetinchem 2 nu waande zich aan het begin van de competitie al kampioen. Helaas was hun start niet erg gelukkig en dit was hun laatste kans om de zaak recht te trekken. Maar na een veelbelovend begin, moesten zij aan het eind van de avond teleurgesteld de nacht in. Ons eerste won met 4 – 2 en kon zich, met nog een ronde te gaan, kampioen noemen.

Toch begon het niet zó feestelijk: Robbie kon al snel opgeven.

Robbie: We speelden een voor mij bekende opening en nadat ik wat meer druk kreeg,wilde ik pionwinst forceren. Dat er nog een schaakje in zat waardoor ik mijn Dame verloor, was mij geheel ontschoten.

In deze cruciale wedstrijd was Max ook weer van de partij. Dit waren zijn bevindingen.

Max: Na maanden weer eens achter het bord. Met zwart en zonder betrapt te kunnen worden op enige openingskennis, komen zetten – niet uit het openingsboekje – scherp over. Al snel licht voordeel, maar de ervaring even missend om het minimale voordeel om te buigen naar winst. Zetten, wel naar voren maar met een tegenstander met dezelfde inslag wordt vrij rap ook weer alles dicht geschoven. Db2 op de elfde zet. Die had ik moeten doen. Maar voor de rest was het potremise.

Paul: Met Wit aan het derde bord. Opening: e4 – e6. Bij de elfde zet had ik al een Toren in centrum. Later aanval op g7 met Toren, Dame en Loper. Na 18 zetten stond ik eigenlijk al gewonnen. Bij zet 23 kreeg ik een remise-aanbod, maar dat werd door mij geweigerd. Bij de 31ste zet gaf Zwart op.

Chiel: De Dame die we aan het bord van Robbie moesten inleveren, kregen we bij de partij van Chiel weer terug. Dat ging wel grappig. De beide Dames waren diep de wederzijdse stellingen binnengedrongen en stonden in een diagonaal b2 – f6, of zoiets).Tussen hen in stond een wit pionnetje van de tegenstander. Dit witte pionnetje nu wist Chiel tot slaan van een zwart pionnetje te verleiden. Tegenstander blij met z’n pion, Chiel uiterst tevreden met de witte Dame.

Eric: (met Wit). Na een rustige Caro-Kann miste Zwart waarschijnlijk 1x de beste verdediging. Daarna was het erg moeilijk, zo niet onmogelijk, de slechte zwarte Loper te activeren. Wit kreeg een superpaard op c5 en won toen, mede dankzij de tijdnood van de tegenstander, vrij gemakkelijk.

Na deze winst waren we definitief kampioen.

Patrick: Het was een partij met veel spanning. Na zo’n 20 zetten leek het nog steeds afsof we in de opening zaten. Mijn tegenstander had wel het initiatief nadat ik hem een Koningsaanval toestond. Optisch leek dit ook te gaan winnen. Ik creeërde een stelling waarin mijn tegenstander het idee had dat een stukoffer voor twee pionnen doorslaggevend was.helaas voor hem had hij een pion voor mijn Koning gezet. Zijn pion werd mijn beste verdediger en de kansen keerden. We stonden al met 3½ - 2 ½ Voor. Met nog 7 minuten op mijn klok en 20minuten op zijn klok bood ik remise aan, wat hij direct accepteerde.

05-03-2008

Verslag Zevenaar 4 – DSG 1 (5de ronde Osbo)

Als Rick bij deze wedstrijd aanwezig was geweest, had hij trots op ons kunnen zijn. Drie van de zes partijen mondden uit in een pionneneindspel en alle drie werden zij door ons gewonnen. Om te beginnen bij ons eerste bord bij

Patrick : Mijn tegenstander was duidelijk uit op remise. Hij ruilde alles af wat er af te ruilen was. Het probleem hierbij is dat je tegenstander wel eens een betere stelling kan krijgen. Dit was nu ook het geval. Ik kreeg door zijn afruil een open lijn op zijn Koningsstelling. Mijn overgebleven stukken stonden goed, die van hem passief. Mijn Paard kon in zijn stelling binnendringen en hij verloor een pion. Omdat hij zelf ook een actieve Toren wilde hebben, wam er een Paardvork waardoor ik de kwaliteit won.
Deze besloot ik terug te geven om twee vrijpionnen te krijgen. Hiervan gaf ik er ook weer één terug waardoor mijn Koning beter kwam te staan. En toen gaf mijn tegenstander zonder aarzelen op. Promotie van één van mijn pionnen was niet meer tegen te houden.

Een pionneneindspel kwam ook op het bord bij Robbie: Na een rustige opening en wat afruil, ging de stelling steeds meer op remise lijken. Maar gelukkig voor mij maakte mijn tegenstander een fout en verloor een pion. Dan blijkt hoe sterk een pion is, want ik kon daarna redelijk eenvoudig het punt binnenhalen.

Aan bord drie haalde Paul op een nogal bizarre manier de winst binnen.
Paul: Ik speelde met Wit: 1. e4, d5; 2. exd5, Dxd5; 3. d4, Pf6; 4. Pc3, Dd8. Hierna kreeg ik een goede ontwikkeling en een snelle overgang naar het middenspel. Daarin vond een grote ruil plaats waarbij aan weerszijde 3 stukken van het bord gingen. Zwart nam daarbij per vergissing de Koning in zijn hand, terwijl hij zijn Dame had moeten pakken en gaf op. Geluk gehad... zoals meestal.

Bij Chiel kwam de stelling na ruim 20 zetten muurvast te zitten en Wit noch Zwart durfde het aan de boel open te gooien. Remise, dus.
Chiel: Het begon er mee dat we na een zet of dertien/veertien een mooie stelling op het bord kregen. Toen moest ik oppassen voor de Loperzet La3, waarna ik mijn Dame of Toren zou kwijtraken. Na diep nadenken heb ik toen c5 gespeeld, waarna mijn tegenstander ook diep moest nadenken. We hebben nog wat zetten gedaan om pionnen en/of stukken te dekken, maar het raakte steeds vaster en je moest oppassen om geen fouten te maken. Bij zijn 24ste zet stelde Wit remise voor. Dat nam ik aan.
(Wie geïnteresseerd is in het partijverloop, kan dat onderaan dit verslag vinden).

De derde die de lessen Rick kon toepassen, was Jan aan bord 5.
Jan: Omdat ik tegen iemand moest die me de 50 ruim gepasseerd leek, koos ik na 1. e4 – e5; voor het Koningsgambiet. En terecht. Na 11 zetten had ik al een pion gewonnen en had ik ook een grote voorsprong in ontwikkeling. Ook had ik het sterke vermoeden dat, als alle stukken van het bord af waren, het resterende pionneneindspel voor mij gewonnen moest zijn. Maar ja. Hoe krijg je alle stukken van het bord. Daarop wist mijn tegenstander het antwoord. Net als die van Patrick begon ook de mijne te ruilen wat er maar te ruilen viel. Toen hij blijmoedig ook de twee laatste Paarden voor mij van het bord wist te krijgen, had ik nog vier zetten nodig om hem in zetdwang te brengen. Sympathieke man, die tegenstander van me.

Steffen zag niet dat overbelasting van een Toren van de tegenstander hem (Steffen dus) een volle Loper kon opleveren. Zijn tegenstander zag wel dat hij (die tegenstander dus, een mat-aanval had.

Jan R.

24-01-2008

Verslag DSG 1 – Wisch : 5 – 1

Eric speelde met zwart aan bord 1. Na de krankzinnige zettenreeks;

1. e4, e6; 2. g3, d5; 3. exd5, Dxd5; 4. Df3, De5+; 5.Pe2, Pc6; 6. C3, Pf6; 7. De3, Pg4!?; 8. Dxe5, Pcxe5; 9. Pf4, Ld7; 10. Lg2, g5;



rokeerde wit omdat ie Zwart kennelijk een te gevaarlijke aanval vond hebben.
11. 0 – 0, gxf4 en met zijn stuk meer won Zwart op de 45ste zet.

Patrick speelde met wit aan bord 2. Zijn tegenstander was kennelijk niet goed thuis in de gespeelde opening, was vooral bezig met het verplaatsen van een Paard en gaf zo in de eerste twaalf zetten Patrick 3 tempo’s (tempi, voor wie geleerd wil doen) cadeau. Die begon aan een sterk middenspel. Speelde zijn stukken naar de goede velden, pakte meer ruimte. En dan, dames en heren, als je al snel denkt de partij in je zak te hebben, dan wordt er een valkuil gegraven. Die kuil graaf je zelf. Uit argeloosheid, uit lichtzinnigheid, uit overmoed en zelfoverschatting. Zo ook hier. Zit je daar fijn ruimte te pakken, dreigt er ineens een vork. Moet je reageren in plaats van uitbouwen. Weg voorsprong. Gewonnen eindspel? Minimaal voordeel! Gelukkig heeft Patrick veel boeken over eindspel die hij niet alleen inkijkt, maar waar hij ook inzichten aan ontleend. Hij wist de h-lijn te openen en langzaam maar zeker doemde er een matbeeld op. Met een vorkje lokte hij een verdediger weg, met een schaakje dwong hij de zwarte Koning naar de h-lijn en met een Toren naar en op de h-lijn was het mat.

Robbie kreeg de hem goed bekende “Budapester” op het bord. Omdat hij in de opening wat al te voortvarend van leer trok, moest hij veel met afruil genoegen nemen, zodat het spel een remise-achtig karakter kreeg. Gelukkig gaf zijn tegenstander in het eindspel zo maar een pion weg, waarna Robbie vrij eenvoudig won.

Bij Giel begon men eerst de kat uit elkaar boom te kijken. Na een saaie opening ontwikkelde er zich een boeiend middenspel, waarin Giel een licht overwicht kreeg. Maar langzaam kantelden de krachtsverhoudingen. Hij verzeilde in een onplezierig eindspel en gaf nog een Loper weg. Zo werd het voor Wisch niet een complete afgang.

Emile had een prettige avond. Geheel in de sfeer van Caldo koos men voor de Italiaanse opening en hierin speelde Emile wat zetten die niet door de theorie worden aanbevolen. Het gevolg was dat zijn tegenstander een schitterend loperpaar in het vrije veld kreeg. Gelukkig was de man uit Wisch zo vriendelijk om zijn zwartveldige Loper te ruilen voor een zwak Paard van Emile. Toen hij daarbij nog een kwaliteit cadeau gaf, was het eigenlijk al uit.

Paul won ook. Hoe? Dat is me in mijn drukte ontgaan. De volgende keer zullen we hem eens in het zonnetje onder de loep nemen.

Jan R.

21-11-2007

ASV 8 – DSG : 1½ - 4½

Met drie invallers trokken wij naar Arnhem. Eric en Max waren verhinderd, op de terugkomst van Armand blijven wij hoopvol wachten. Ben, Steffen en ik namen hun plaats in. Met alle respect voor de kwaliteiten van dit trio, kun je toch wel zeggen dat wij niet op volle oorlogssterkte aantraden. Het begin van deze speelavond bevestigde deze indruk. Na anderhalf uur spelen stonden we al met 1 – 0 achter en op 4 van de 5 overige borden stonden we er ook niet best voor.
Ben, Robbie en Paul stonden een pion achter zonder daarvoor enige compensatie te hebben en Steffen moest toezien hoe zijn tegenstander een goed gedekte pion op e7 wist te krijgen. Maar ’t kan dus verkeeren.

Aan bord 4 trof ik een ASV-er die van onze 6 tegenstanders de hoogste rating bleek te hebben. Hoewel ik niet zo beroerd speelde als een paar dagen eerder tegen ASV 11, was ik niet goed opdreef. De plannen die ik dacht uit te voeren waren wel goed doordacht, maar niet van toepassing op de stand die ik op het bord had. Dat kostte me een pion, de stelling en een paar zetten later een Loper. 1 – 0

Gelukkig lieten de teamgenoten zich door deze eerste nul niet uit het veld slaan. Ik zou het leuk vinden als een van hen me zou zeggen dat mijn vroege nederlaag hen juist inspireerde.
Bij Ben (met wit aan bord 5) ging het lange tijd gelijk op. Over en weer werden stukken dubbel aangevallen maar omdat ze ook over en weer dubbel werden gedekt, schoot niemand iets op. Totdat Ben’s tegenstander met zijn Dame kon binnenvallen en een pion op d4 won. Daarna volgde dameruil en was direct gevaar geweken. De
ASV-er kwam niet door Ben’s verdediging heen, besloot het over een andere boeg te gooien, trok een Paard terug van de Koningsvleugel en gaf daarbij een dubbele dekking op, wat hem een Loper kostte. Dit voordeel gaf Ben niet meer uit handen en rustig en bekwaam schoof hij de Partij uit. 1 – 1.

Robbie had zijn dag niet, kwam slecht te staan, verloor een pion, kwam nog slechter te staan en volgens Bartje zou hij moeten gaan verliezen. Maar zijn tegenstander kwam in tijdnood en bleek bovendien de techniek van het eindspel niet goed te beheersende maakte twee foutjes. Die maakte Robbie niet. 1 – 2.

Steffen stond met de rug tegen de muur. Postuur en karakter maken dat dat hem veerkracht geeft. Eerst wist hij die pion op e7 onschadelijk te maken. Daarna wikkelde hij af naar een eindspel waarin Steffen een Paard en drie verbonden pionnen had, zijn tegenstander een Loper en drie verbonden pionnen. Dat Paard van Steffen
bleek het meest wendbaar en effectief. Een mooie en onverwachte overwinning. 1 – 3.

Patrick speelde op bord 1 tegen oud OSBO-voorzitter Hendrik van Buren. Dat werd een boeiend partijtje. Patrick kon op een gegeven moment een pion winnen, maar Hendrik zou daar compensatie voor krijgen. Patrick stond goed, wou goed blijven staan en de pion winnen. Om dit te bereiken was een goed plan nodig en daar dacht hij ruim een half uur over na. Resultaat van dit denkwerk was dat hij besloot voor een ander plan te gaan. Dat klopte wel, maar inmiddels begon hij, zoals wel vaker, in tijdnood te komen. Een remiseaanbod sloeg hij af, nog steeds loerde hij naar winst en met nog 10 minuten op de klok wist hij eeuwig schaak in de stelling te krijgen. Hendrik had intussen niet stil gezeten en had zo zijn tegenkansen gecreëerd. Met nog twee minuten op de klok en in de wetenschap dat een half punt voldoende voor de winst was, maakte Patrick er toch maar remise van. ½ -3 ½ .

De laatste partij die nog bezig was, was die van Paul. Daar kwam de Petroff Defence op het bord en die werd door Paul niet zo geweldig gespeeld. Hij verloor een pion en met de andere, behalve de f-pion, stormde hij voorwaarts. Hiermee zette hij ontegenzeggelijk het bord in vuur en vlam, maar geheel verantwoord leek mij dat alles niet. Toen zijn tegenstander verzuimde deze jeugdige overmoed af te straffen, kreeg Paul tegenkansen. Die zouden niet voldoende zijn geweest, als zijn tegenstander wat minder gretig was geweest om zijn vrijpion te laten promoveren. Nu rukte hij op en blokkeerde daarmee zijn Loper die vanaf grote afstand het veld voor de Koning dekte. En omdat die Koning ingesloten stond tussen de eigen stukken en geen kant meer op kon, was het voor Paul, die twee Torens op de 7de rij had staan, niet moeilijk om te zien dat hij in een zet mat kon geven. En dat deed hij.

ASV 8 – DSG 1: 1½ - 4½ .


Jan R.

04-11-2007

Uitslagen 1e ronde OSBO klasse 3H


Kameleon – ASV 8 1½ - 4½
DSG – Rokade 2 3 - 3
Wisch – Gendringen 1½ - 4½
Zevenaar 4 – Doetinchem 2 0 - 6

Opstellingen klasse 3H seizoen 2007-2008

   
Zevenaar 4 Rel.nr Knsb
1 Theo Putman 6003151 1583
2 Pieter van der Poel 6211436 1559
3 Johan Meulman 8310159 1539
4 Wiellie Evers 8050559 1440
5 Lambert Janssen Steenberg 6921926 1383
6 Andre Lepelaar 7774635
Gemiddeld 1501

Doetinchem 2 Rel.nr Knsb
1 Bert Lenderink 7492067 1842
2 John Lutgens 7778694 1794
3 Thomas Bijl 8279084 1718
4 Erwin Verhoogt 7598745 1674
5 Gert-Jan Zonneveld 7187411 1599
6 Wim Lenderink 7114646 1559
Gemiddeld 1698

Gendringen Rel.nr Knsb
1 P. van Aken 7082383 1647
2 F. Miltenburg 7521250 1597
3 G.T.A. Weijkamp 6249276 1522
4 A.W. Aalders 6245701 1488
5 Subara Remzo 8225756 1438
6 Wout Brugman 7293407 1405
Gemiddeld 1516

Rokade 2 Rel.nr Knsb
1 Menno Dorst 7364610 1928
2 Ruud Goossens 8208343 1659
3 Luuk Eisink 8098497 1627
4 Hans ter Horst 8092865 1605
5 Gerard Wolters 8242410 1422
6 Gert Jan van Vliet 6189931
Gemiddeld 1648

ASV 8
Rel.nr Knsb
1 Tje-Wing Au 7902642 1670
2 Zekria Amani 8245930 1642
3 Horst Eder 8038327 1628
4 Hendrik van Buren 5971559 1620
5 Frans Veerman 7361123 1582
6 Marco Braam 8324338
Gemiddeld 1628


Doesborgh Rel.nr Knsb
1 Eric Langedijk 8046874 1865
2 R.W.M. Gerhardus 7290580 1741
3 A.F. Kantil 7554657 1724
4 Patrick van Waardenburg 7879828 1701
5 Paul Delleman 7711374 1598
6 Max Donk 7794072
Gemiddeld 1726

Wisch Rel.nr Knsb
1 W. Hofmeijer 6260617 1561
2 J. Hofmeijer 6239563 1560
3 H. Burgers 7404518 1544
4 R. Ketelaar 7266061 1481
5 H. Bruggink 7686536 1429
6 Bennie Roelofs 6555857 1412
Gemiddeld 1498

Kameleon Rel.nr Knsb
1 Raymond van Gessel 7651127 1774
2 Egon Gijsbers 7286763 1715
3 Hans Rexwinkel 7524902 1584
4 Tom Huijink 8312458 1573
5 Bram Blasman 7867189 1556
6 Han Bruggink 8150835 1439
Gemiddeld 1607
--------- ----------- ---------- -------